Hoe vraag ik effectieve vragen om leerlingen aan het denken te zetten?
Veel onderwijs bestaat uit docenten die antwoorden geven. Beter onderwijs bestaat uit docenten die de juiste vragen stellen. Dit is een vaardigheid die je kunt leren.
·Onderwijs
Vragen stellen is een kunst. De meeste vragen in een klas zijn gesloten één antwoord, snel af, door naar de volgende. Maar de meest waardevolle vragen zijn open, uitnodigend en zetten aan tot nadenken.
Soorten vragen en hun effect
Gesloten vragen ("Wat is de hoofdstad van Nederland?") testen kennis. Nuttig, maar niet uitnodigend voor diep denken.
Open vragen ("Waarom denk je dat Amsterdam de hoofdstad is geworden?") nodigen uit tot redeneren, verbanden leggen en meningen vormen.
Sokrates-vragen ("Als je zegt X, wat bedoel je dan precies?") dringen dieper door. Ze stellen aannames ter discussie en stimuleren zelfonderzoek.
Technieken voor betere vragen
Wacht 3-5 seconden na een vraag voordat je antwoord accepteert. Die stilte voelt ongemakkelijk, maar geeft leerlingen tijd om echt na te denken. Docenten die te snel doorvragen, horen alleen de snelste denker.
Gebruik 'follow-up' vragen. Als een leerling antwoordt, vraag door: "Hoe weet je dat?", "Kun je een voorbeeld geven?", "Wat denken anderen hierover?"
Richt vragen aan verschillende leerlingen, ook degenen die niet hun hand opsteken. Niet bedreigend uitnodigend. "Wat denk jij, [naam]?" communiceert dat je geïnteresseerd bent in hun gedachten.
Vragen die motivatie activeren
"Wat zou jij anders doen?" Het geeft leerlingen eigenaarschap.
"Welke vraag heb jij over dit onderwerp?" Leerlingen die hun eigen vragen stellen, zijn actiever betrokken dan leerlingen die alleen jouw vragen beantwoorden.
"Als je dit aan iemand thuis moest uitleggen, hoe zou je het dan zeggen?" Dit test begrip op een andere manier dan een toets.
Goede vragen stellen is misschien wel de vaardighed die onderwijs het meest transformeert van kennisoverdracht naar denken leren.
Hoe LEO hierbij helpt
Goede vragen stellen begint met weten waar een leerling zit. In LEO schrijft de leerling bij elke challenge een reflectie, en kan de coach notities en feedback direct bij dat werk vastleggen. Je gaat het gesprek in met de tekst van de leerling ernaast, niet met een herinnering aan wat hij drie weken geleden zei.